Rotondes in Nederland over het algemeen zeer veilig voor fietsers

Nederland telt maar liefst 5.585 rotondes en rotonde-achtige situaties. Onder rotonde-achtige situaties verstaan we kruispunten waar het verkeer wel rond kan rijden, maar die geen officiële rotonde zijn. Van deze rotondes liggen er 1.482 buiten de bebouwde kom en 4.103 binnen de bebouwde kom. Dit kruispunttype is over het algemeen veilig voor fietsers, op slechts 1,6% van de rotondes zijn in de periode 2015-2018 drie of meer ernstige fietsongevallen geregistreerd. Dit en meer komt naar voren uit een verkenning naar de verkeersveiligheid op rotondes in Nederland.

Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft in het Landelijk Actieplan Verkeersveiligheid onder maatregel 4 opgenomen om een inventarisatie te doen naar de risico’s op rotondes en kruispunten met verkeerslichten. CROW en het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat hebben DTV Consultants gevraagd de verkenning van rotondes uit te voeren. De huidige verkenning beschrijft de risicofactoren van rotondes, met specifieke aandacht voor de veiligheid van overstekende fietsers. Daarbij is onderzocht hoeveel rotondes welke kenmerken hebben en welke kenmerken zorgen voor een hoger risico.

Als basis voor deze verkenning heeft DTV Consultants een door VIA opgestelde database gebruikt, waarin voor alle rotondes of rotonde-achtige situaties in Nederland, het totaal aantal geregistreerde ongevallen en het aantal geregistreerde fietsongevallen (uitgesplitst naar ernstig en niet-ernstig) van de periode 2015 – 2018 is opgenomen. Van alle locaties heeft DTV Consultants vervolgens vastgesteld:

  • of ze binnen of buiten de bebouwde kom liggen;
  • van alle rotondes binnen de bebouwde kom (ruim 4.000) is vervolgens, aan de hand van luchtfoto’s in Google Maps en foto’s in Google Streetview, vastgesteld:
    • meerstrooksrotonde of verkeerspleinachtige inrichting of niet;
    • afwijkende vorm (bijv. trambaan) of niet;
    • fietsers op fietspad, fietsstrook of op de rijbaan;
    • fietspad IN of UIT de voorrang;
    • fietspad al dan niet (deels) in twee richtingen;
    • fietspad al dan niet helemaal rondom.

Aan de hand van de resultaten van deze inventarisatie is op een rij gezet hoeveel rotondes er van welk type in Nederland liggen en hoe de verdeling van fietsongevallen over de verschillende typen rotondes is.

In de volgende stap is een steekproef van 93 enkelstrooksrotondes binnen de bebouwde kom met een vrijliggend fietspad getrokken. Van deze rotondes zijn 31 inrichtingskenmerken geïnventariseerd. Vervolgens is gekeken of er indicaties zijn dat bepaalde kenmerken (of het ontbreken daarvan) van invloed zijn op het aantal geregistreerde fietsongevallen. In dit onderzoek is geen rekening gehouden met de expositiemaat (hoe druk is het op de rotondes en hoe vaak automobilisten en fietsers elkaar op deze rotondes tegenkomen).

Weinig ernstige ongevallen

Naar schatting vinden in Nederland jaarlijks 13.000 tot 14.000 ernstige fietsongevallen plaats. Daarvan worden er jaarlijks circa 287 (2%) op rotondes geregistreerd. Met de verkeersveiligheid voor fietsers op rotondes is het dus relatief goed gesteld. Er is wel een verschil tussen rotondes waarbij er een vrijliggend fietspad is en rotondes waar een fietsstrook op de rotonde zelf aanwezig is:

Minder ongevallen bij tweerichtingsfietspaden

Van de 2.448 rotondes met een vrijliggend fietspad hebben er slechts 1.117 (45,6%) een eenrichtingsfietspad. De overige rotondes hebben een tweerichtingsfietspad (37,2%) of een combinatie van één- en tweerichtingsfietspaden (17,2%) rond de rotonde. Dat is opvallend, aangezien in de CROW-richtlijnen het toepassen van tweerichtingsfietspaden wordt afgeraden. Ook opvallend is dat op rotondes met tweerichtingsfietspaden gemiddeld minder ongevallen zijn geregistreerd dan op rotondes met eenrichtingsfietspaden.

Wel of geen voorrang voor fietsers?

De CROW-richtlijn ‘Eenheid in Rotondes’ uit 1998 beveelt aan om fietsers op een enkelstrooksrotonde met een vrijliggend fietspad in de voorrang te laten. In de praktijk is dat lang niet altijd het geval, op 69% van de rotondes zijn fietsers in de voorrang. Op de rest niet. We hebben ook geconstateerd dat de keuze voor fietsers in of uit de voorrang binnen een gemeente per rotonde kan verschillen. Dat kan verwarrend werken voor automobilisten op deze rotondes.

In onderstaande tabel is af te lezen dat er in veel gemeentes geen sprake is van uniformiteit van voorrangsregels op enkelstrooksrotondes met een vrijliggend fietspad binnen de bebouwde kom.  In slechts 40% van de gemeenten hebben fietsers altijd voorrang op deze rotondes.

Veel verschillen, omvang rotonde en tussenberm van belang

Wat het meest opvalt aan de inventarisatie, is dat er sprake is van een enorme diversiteit aan rotondes. Geen twee rotondes zijn (bijna) hetzelfde. Twee eigenschappen blijken een duidelijke relatie te hebben verkeersveiligheid. De straal van de rotonde blijkt een significante invloed te hebben op het aantal geregistreerde fietsongevallen. Hoe groter de straal van de rotonde, hoe kleiner het aantal geregistreerde fietsongevallen. Ook is er een significante relatie tussen de maximale breedte van de tussenberm tussen rijbaan en fietspad. Hoe groter de afstand tussen rijbaan en fietspad, hoe hoger het aantal geregistreerde fietsongevallen. Voor andere kenmerken zoals markeringen is vooralsnog geen significant verband vastgesteld met de verkeersveiligheid van fietsers.

Wilt u het naadje van de kous weten? Download hier het volledige rapport.

Advies en informatie
Hans Godefrooij

Hans Godefrooij

Teamleider Verkeersarchitectuur & Gedrag
Pleun Smits

Pleun Smits

Adviseur Verkeersarchitectuur
Paul van den Bosch

Paul van den Bosch

Directeur