Onderzoek fietsstraten: waar maak je fietsers blij mee?

Hoe en in welke mate beïnvloeden de rijbaan breedte en de intensiteiten van gemotoriseerd verkeer het functioneren van een fietsstraat? Dit was de hoofdvraag van een onderzoek naar fietsstraten dat DTV Consultants in opdracht van CROW-Fietsberaad heeft uitgevoerd.

Een fietsstraat is een straat die ingericht is als fietsroute, maar waarop ook auto’s zijn toegestaan. De meeste fietsstraten in Nederland zijn rood gekleurd, net als fietspaden. Fietsstraten zijn op veel verschillende manieren ingericht. In 2016 heeft CROW-Fietsberaad een discussienotitie fietsstraten gepresenteerd, als eerste stap om vragen te beantwoorden over wat wel en wat niet werkt.

Aanbevelingen toetsen in de praktijk

DTV Consultants heeft de voorlopige aanbevelingen uit de discussienotitie in de praktijk getoetst. In dit onderzoek vergeleken we met name het functioneren van fietsstraten naar elementen zoals rijbaanbreedte, intensiteiten en profielindeling. Ook het effect van andere vormgevingselementen, zoals de rijbaanindeling, het soort en de kleur van de bestrating en het parkeren is onderzocht.

Vergelijken simulatie met de werkelijke situatie

Met een simulatiestudie is inzicht verkregen in hoe vaak bepaalde voertuigcombinaties (in theorie) voorkomen bij verschillende intensiteiten. Het praktijkonderzoek, dat is uitgevoerd op 11 straten (8 fietsstraten en 3 ‘gewone’ straten ter controle), bestond uit de volgende onderdelen:

  • Van de straten zijn de inrichtingskenmerken op een rij gezet;
  • De straten zijn gedurende 3 uur gefilmd. Van de beelden zijn, per 5 minuten, de intensiteiten bepaald en is het aantal ontmoetingen (inhaalbewegingen, tegemoetkomingen en auto’s die achter een fietser blijven hangen) vastgesteld. Al deze ontmoetingen hebben een verkeersveiligheidsscore gekregen;
  • Gelijktijdig met het cameraonderzoek hebben we fietsers in deze fietsstraten geënquêteerd. Wij vroegen hen om onder andere een oordeel te geven over de verkeersveiligheid van de betreffende straat.

Deze onderzoeksaanpak geeft inzicht in hoeverre verschillende (combinaties van) intensiteiten bij verschillende profielindelingen leiden tot meer of minder ontmoetingen en conflicten. Bovendien wordt duidelijk hoe fietsers de inrichting van de verschillende straten waarderen en op welke manier dit samenhangt met het geconstateerde aantal ontmoetingen en conflicten. Tot slot heeft een panel van fietsexperts een expertoordeel gegeven over het functioneren van de verschillende straten bij verschillende intensiteiten.

De inrichting en aard van fietsstraten is heel divers

Objectieve data vs. ervaringen fietsers

Op basis van de verzamelde data is bekeken hoe het overall-oordeel van fietsers over een straat samenhangt met:

  • Hun mening over verschillende aspecten in die straat;
  • De gemeten verkeersintensiteiten, de rijbaanbreedte en het aantal ontmoetingen op die straat;
  • Andere inrichtingskenmerken van die straat.

De belangrijkste conclusies zijn:

  • Ernstige conflicten tussen motorvoertuigen en fietsers zijn in het onderzoek nauwelijks waargenomen;
  • De fietsintensiteit heeft geen significante correlatie met het oordeel van fietsers over een straat met gemengd profiel;
  • De verhouding tussen fiets- en auto-intensiteit correleert wel significant met het oordeel van fietsers;
  • De auto-intensiteit per centimeter wegbreedte (in het kwadraat) correleert echter nog veel sterker met het oordeel van fietsers.

Auto-intensiteit en rijbaanbreedte bepalen oordeel fietsers

Er bestaat een duidelijke relatie tussen de auto-intensiteit en de totale rijbaanbreedte enerzijds en het oordeel van fietsers anderzijds. De auto-intensiteit bepaalt hoe vaak een fietser een ontmoeting heeft met een auto (de fietser wordt ingehaald, of heeft te maken met een tegemoet komende auto). De rijbaanbreedte bepaalt welke type ontmoetingen wel en niet “passen” binnen het profiel en hoe vaak sprake is van krappe ontmoetingen, of situaties waarbij een voertuig achter een fietser blijft hangen. Op basis van de auto-intensiteit en de rijbaanbreedte kan worden voorspeld hoe tevreden een fietser zal zijn.

Snelheid van auto’s en breedte van fietsrijloper spelen mogelijk ook een rol

Het oordeel van fietsers over het inhaalgedrag van auto’s heeft een duidelijke relatie met het overall-oordeel van fietsers over de fietsstraat. Hoe veiliger het inhalen volgens fietsers gebeurt, hoe hoger het overall-oordeel. Hoe meer auto’s de fietsstraat gebruiken en hoe harder ze rijden, hoe lager het overall-oordeel van fietsers over de straat. De werkelijke snelheid van auto’s is in het onderzoek niet gemeten. Het is echter wel aannemelijk dat een hogere werkelijke snelheid leidt tot een lager gevoel van veiligheid bij inhaalmanoeuvres. Ook de breedte van de fietsrijloper (de ruimte tussen eventuele rabatstroken) kan hierbij een rol spelen.

Uitspraken over andere (inrichtings)aspecten fietsstraten nog niet mogelijk

Het aantal onderzochte locaties is te beperkt om uitspraken te kunnen doen over de invloed van de diverse vormgevingsaspecten op het overall-oordeel van fietsers. Om meer grip te krijgen op andere verklarende factoren dan de auto-intensiteit en de rijbaanbreedte, is extra onderzoek noodzakelijk.

Tijdens het Nationaal Fietscongres op 21 september presenteren Hans Godefrooij van DTV Consultants en Robert Hulshof en Otto van Boggelen van CROW-Fietsberaad het onderzoek. Tijdens de presentatie wordt ook ingegaan op de wijze waarop de onderzoeksresultaten worden gebruikt om de aanbevelingen uit de discussienotitie aan te scherpen.

Ook voor het Nationaal Verkeerskunde Congres is een paper ingediend. U kunt de volledige paper hier downloaden.

Advies en informatie
Hans Godefrooij

Hans Godefrooij

Consultant